In het kort
De belangrijkste symptomen van slaapapneu zijn luid snurken met stiltes ertussen, naar adem happen in je slaap en overdag extreem moe of slaperig zijn, ook na een volle nacht. Ook ochtendhoofdpijn, ’s nachts vaak plassen en concentratieproblemen komen veel voor. Bij vrouwen staan slapeloosheid en stemmingsklachten vaker op de voorgrond. Herken je meerdere signalen, ga dan naar je huisarts: alleen een slaaponderzoek kan slaapapneu vaststellen.
Je partner zegt dat je snurkt. Soms valt het even stil, en dan komt er een snurk als een kettingzaag achteraan. Is dat gewoon snurken, of meer? Hieronder lees je hoe je het verschil herkent, welke vragenlijst artsen zelf gebruiken en wanneer je aan de bel trekt.
Laatst bijgewerkt: 16 september 2026
Wat is slaapapneu?
Slaapapneu is een aandoening waarbij je ademhaling tijdens je slaap herhaaldelijk stopt of flink vermindert. Een ademstop heet een apneu; een sterk verminderde ademhaling een hypopneu. Artsen spreken van slaapapneu als dat minstens vijf keer per uur gebeurt.
De meest voorkomende vorm is obstructieve slaapapneu. Daarbij zakt je keel in je slaap zo ver dicht dat er te weinig lucht door kan. Bij de zeldzamere centrale slaapapneu geven je hersenen tijdelijk geen signaal om te ademen.
Het komt veel vaker voor dan de meeste mensen denken. Een wereldwijde analyse schatte dat ongeveer 936 miljoen volwassenen tussen 30 en 69 jaar lichte tot ernstige obstructieve slaapapneu hebben (Benjafield en collega’s, 2019). Die analyse werd gefinancierd door een fabrikant van apneu-apparatuur. Een recente review noemt een voorkomen tot 49 procent bij mannen en 23 procent bij vrouwen, en benadrukt dat de aandoening vaak niet wordt herkend (Dunietz en collega’s, 2025).
Wat zijn de symptomen van slaapapneu?
De symptomen van slaapapneu zie je ’s nachts vooral bij de ander, en overdag vooral bij jezelf.
’s Nachts (vaak opgemerkt door je partner):
- Luid snurken dat stilvalt en daarna met een snuif of snurk weer op gang komt.
- Ademstops die je partner ziet of hoort.
- Wakker schrikken met een benauwd of verstikkend gevoel.
- Onrustig slapen, veel draaien, nachtzweten.
- ’s Nachts vaak moeten plassen.
Overdag (merk je vooral zelf):
- Niet uitgerust wakker worden, ook na genoeg uren slaap.
- Slaperig zijn op rustige momenten, zoals bij lezen, tv kijken of als passagier.
- Hoofdpijn bij het opstaan.
- Een droge mond of keelpijn in de ochtend.
- Concentratieproblemen, vergeetachtigheid en een kort lontje.
Je hoeft niet alle symptomen te hebben. Belangrijker is de combinatie: nachtelijke signalen plus vermoeidheid overdag.
Wat is het verschil tussen snurken en slaapapneu?
Het verschil tussen snurken en slaapapneu zit in wat er tussen de snurken gebeurt en hoe je je overdag voelt. Snurken is geluid van trillend weefsel; bij slaapapneu stokt de ademhaling echt. Snurken komt ook veel voor zonder slaapapneu (Young en collega’s, 2001).
| Gewoon snurken | Mogelijk slaapapneu | |
|---|---|---|
| Geluid | Regelmatig, gelijkmatig | Onregelmatig, met stiltes en daarna een harde snurk of snuif |
| Ademstops | Nee | Partner ziet of hoort je adem stoppen |
| Wakker worden | Zelden door het snurken zelf | Wakker schrikken, naar adem happen |
| Overdag | Je voelt je meestal redelijk uitgerust | Extreem moe of slaperig, ochtendhoofdpijn |
| Wie heeft er vooral last van | Je partner | Jij én je partner |
| Wat te doen | Oorzaak zoeken, zelf aanpakken | Naar de huisarts |
Hoe weet je of je slaapapneu hebt?
Of je slaapapneu hebt, weet je pas zeker na een slaaponderzoek via je huisarts. Wel kun je vooraf inschatten of je een verhoogd risico hebt met de STOP-Bang-vragenlijst, die artsen wereldwijd gebruiken. In een meta-analyse van 17 studies met ruim 9.200 mensen pikte deze vragenlijst in slaapklinieken ongeveer 9 op de 10 gevallen van slaapapneu op (Nagappa en collega’s, 2015).
De STOP-Bang-check: tel hoe vaak je “ja” antwoordt.
- Snurken: snurk je luid, harder dan praten of hoorbaar door een dichte deur?
- Tired: ben je overdag vaak moe of slaperig?
- Observed: heeft iemand gezien dat je in je slaap stopt met ademen of naar adem hapt?
- Pressure: heb je een hoge bloeddruk of word je daarvoor behandeld?
- BMI: is je BMI hoger dan 35?
- Age: ben je ouder dan 50?
- Neck: is je halsomtrek groter dan 40 centimeter?
- Gender: ben je een man?
Hoe hoger je score, hoe groter de kans op matige tot ernstige slaapapneu. Bij drie of meer keer “ja” spreken artsen van een verhoogd risico. Deze check is een hulpmiddel en geen diagnose. Een lage score sluit slaapapneu niet uit, zeker niet bij vrouwen (zie hieronder).
Heb je een verhoogd risico of herken je de symptomen? Dan verwijst je huisarts je voor een slaaponderzoek, vaak gewoon thuis in je eigen bed. Een apparaatje meet dan je ademhaling, zuurstof en snurken tijdens de nacht.
Welke symptomen van slaapapneu hebben vrouwen?
Vrouwen met slaapapneu hebben vaker slapeloosheid, stemmingsklachten en vermoeidheid, en minder vaak het klassieke luide snurken met waargenomen ademstops (Dunietz en collega’s, 2025). Omdat bestaande vragenlijsten vooral zijn gebaseerd op de klachten van mannen, wordt slaapapneu bij vrouwen vaker gemist.
Na de overgang neemt het risico bij vrouwen duidelijk toe. De review wijst naar de dalende hormonen, die een rol spelen bij het stabiel houden van de ademhaling. Ben je vrouw, voel je je structureel uitgeput en slaap je slecht? Noem slaapapneu dan zelf bij je huisarts, ook als je niet hard snurkt. Meer over snurken bij vrouwen lees je in ons artikel daarover.
Is slaapapneu gevaarlijk?
Onbehandelde slaapapneu is niet iets om te laten liggen. In een groot bevolkingsonderzoek hadden mensen met matige tot ernstige slaapapneu vier jaar later een bijna drie keer zo grote kans op hoge bloeddruk, ook na correctie voor gewicht, leeftijd, alcohol en roken (Peppard en collega’s, 2000).
De slaperigheid overdag heeft ook directe gevolgen. Een meta-analyse concludeerde dat mensen met slaapapneu een duidelijk verhoogd risico op verkeersongelukken hebben (Tregear en collega’s, 2009).
Het goede nieuws: slaapapneu is goed vast te stellen en er zijn meerdere behandelingen. Hoe eerder je het laat checken, hoe beter.
Wat kun je doen als je slaapapneu vermoedt?
Het belangrijkste wat je kunt doen, is naar je huisarts gaan. Die bepaalt of een slaaponderzoek nodig is. Afhankelijk van de uitkomst kiest een specialist samen met jou een behandeling:
- een CPAP-apparaat, dat je luchtweg met lichte overdruk openhoudt;
- een snurkbeugel (MRA), die je onderkaak naar voren houdt;
- positietherapie bij apneu die vooral in rugligging optreedt;
- soms een operatie.
Wat je zelf kunt doen
- Let op je gewicht. Een overzichtsartikel noemt gewicht, alcohol, roken en neusverstopping als factoren die samenhangen met slaapapneu. Van die factoren is het effect van afvallen het best onderbouwd (Young en collega’s, 2002).
- Beperk alcohol, vooral ’s avonds. Een meta-analyse vond dat meer alcohol samengaat met een ongeveer 25 procent hoger risico op slaapapneu (Simou en collega’s, 2018).
- Bespreek mond- en keeloefeningen met een therapeut. Een Cochrane-review vond aanwijzingen dat zulke oefeningen, naast andere zorg, slaperigheid overdag kunnen verminderen (Rueda en collega’s, 2020).
Wat je níet moet doen
- Geen mondtape. Bij mensen met slaapapneu kan de mond een noodzakelijke ademroute zijn; zij ademen ’s nachts ook vaker via de mond dan gewone snurkers (Koutsourelakis en collega’s, 2006). Gebruik mondtape daarom nooit bij (vermoede) slaapapneu.
- Neusstrips zijn geen behandeling. In studies bij mensen met matige tot ernstige slaapapneu veranderde een neusstrip het aantal ademstops niet (Amaro en collega’s, 2012; Yagihara en collega’s, 2017).
En als je snurkt zonder deze signalen?
Snurk je, maar heb je geen ademstops, schrik je niet wakker en voel je je overdag prima? Dan is de kans groot dat het “gewoon” snurken is. Dat is vooral vervelend voor je partner, en daar kun je zelf veel aan doen.
Kijk eerst waar het geluid vandaan komt. Een neus die ’s nachts dichtzit, hangt sterk samen met structureel snurken (Young en collega’s, 2001). In dat geval kan een neusstrip je neusdoorgang van buitenaf ondersteunen. Lees in ons eerlijke artikel over neusstrips wanneer dat wel en niet werkt, en in wat te doen tegen snurken welke aanpak bij jouw situatie past.
Houd het in de gaten: snurken kan in de loop der jaren veranderen. Komen er toch signalen bij, dan is dit artikel je checklist.
Kernpunten
- Slaapapneu betekent dat je ademhaling in je slaap herhaaldelijk stopt of flink vermindert, minstens vijf keer per uur.
- De combinatie van snurken met stiltes, naar adem happen en extreme slaperigheid overdag is het belangrijkste signaal.
- De STOP-Bang-check geeft een eerste inschatting; bij drie of meer keer “ja” is een gesprek met de huisarts verstandig.
- Vrouwen hebben vaker vage klachten zoals slapeloosheid en stemmingsproblemen, waardoor apneu vaker wordt gemist.
- Mondtape en neusstrips zijn geen behandeling voor slaapapneu. Bij gewoon snurken zonder deze signalen kan een neusstrip wel onderdeel zijn van je aanpak.
Veelgestelde vragen over slaapapneu
Kun je slaapapneu hebben zonder te snurken?
Ja, je kunt slaapapneu hebben zonder te snurken. Niet iedereen met slaapapneu snurkt hard, en bij vrouwen staat het snurken vaak minder op de voorgrond. Ook bij centrale slaapapneu hoeft er geen luid snurken te zijn. Ben je structureel uitgeput zonder duidelijke reden, bespreek slaapapneu dan met je huisarts, ook als je niet snurkt.
Is een slaapapneu-app of smartwatch een betrouwbare test?
Een app of smartwatch kan signalen oppikken, zoals snurken of dalingen in je zuurstof, maar stelt geen diagnose. Gebruik de uitkomst als aanleiding voor een gesprek met je huisarts, niet als geruststelling. Alleen een slaaponderzoek via een arts kan slaapapneu vaststellen of uitsluiten.
Mag je autorijden met slaapapneu?
Of je mag autorijden met slaapapneu, hangt af van je klachten en je behandeling. Er gelden regels voor rijgeschiktheid, en mensen met onbehandelde slaapapneu hebben een verhoogd risico op ongelukken. Bespreek dit altijd met je arts, en rij niet als je merkt dat je achter het stuur slaperig wordt.
Helpt een apneukussen of een neusstrip tegen slaapapneu?
Een neusstrip helpt niet tegen slaapapneu: in studies bleef het aantal ademstops gelijk. Een kussen dat je op je zij houdt, kan alleen zinvol zijn als je apneu vooral in rugligging optreedt. Dat laat je eerst vaststellen in een slaaponderzoek. Positietherapie hoort bij een behandelplan van je arts, niet bij zelf experimenteren.
Gaat slaapapneu vanzelf over?
Slaapapneu gaat meestal niet vanzelf over zonder aanpak. Bij mensen met overgewicht is afvallen de best onderbouwde leefstijlmaatregel, en minder alcohol drinken helpt het risico te verlagen. Of dat genoeg is, hangt af van hoe ernstig je slaapapneu is. Laat dat samen met je arts bepalen.
Disclaimer
Dit artikel is algemene informatie en vervangt geen medisch advies. Heb je aanhoudende klachten, zoals een verstopte neus, luid snurken, ademstops tijdens je slaap of extreme vermoeidheid overdag, bespreek dat dan met je huisarts.
Bronnen
Alle wetenschappelijke bronnen zijn gezocht en gecontroleerd via PubMed. Dit artikel is geen systematische review; de beoordeling is gebaseerd op de abstracts en de beschreven onderzoeksopzet.
- Amaro ACS, e.a. (2012). The use of nasal dilator strips as a placebo for trials evaluating continuous positive airway pressure. Clinics (Sao Paulo), 67(5), 469-474. doi:10.6061/clinics/2012(05)11 · PMID 22666791
- Benjafield AV, e.a. (2019). Estimation of the global prevalence and burden of obstructive sleep apnoea: a literature-based analysis. Lancet Respir Med, 7(8), 687-698. doi:10.1016/S2213-2600(19)30198-5 · PMID 31300334
- Dunietz GL, e.a. (2025). OSA in women: associations with reproductive aging and screening challenges. Chest, 169(3), 803-812. doi:10.1016/j.chest.2025.08.001 · PMID 40885537
- Koutsourelakis I, e.a. (2006). Obstructive sleep apnoea and oral breathing in patients free of nasal obstruction. Eur Respir J, 28(6), 1222-1228. doi:10.1183/09031936.00058406 · PMID 17005578
- Nagappa M, e.a. (2015). Validation of the STOP-Bang questionnaire as a screening tool for obstructive sleep apnea among different populations: a systematic review and meta-analysis. PLoS One, 10(12), e0143697. doi:10.1371/journal.pone.0143697 · PMID 26658438
- Peppard PE, e.a. (2000). Prospective study of the association between sleep-disordered breathing and hypertension. N Engl J Med, 342(19), 1378-1384. doi:10.1056/NEJM200005113421901 · PMID 10805822
- Rueda JR, e.a. (2020). Myofunctional therapy (oropharyngeal exercises) for obstructive sleep apnoea. Cochrane Database Syst Rev, 11, CD013449. doi:10.1002/14651858.CD013449.pub2 · PMID 33141943
- Simou E, Britton J, Leonardi-Bee J (2018). Alcohol and the risk of sleep apnoea: a systematic review and meta-analysis. Sleep Med, 42, 38-46. doi:10.1016/j.sleep.2017.12.005 · PMID 29458744
- Tregear S, e.a. (2009). Obstructive sleep apnea and risk of motor vehicle crash: systematic review and meta-analysis. J Clin Sleep Med, 5(6), 573-581. PubMed, PMID 20465027 (geen DOI in PubMed-gegevens)
- Yagihara F, e.a. (2017). Nasal dilator strip is an effective placebo intervention for severe obstructive sleep apnea. J Clin Sleep Med, 13(2), 215-221. doi:10.5664/jcsm.6450 · PMID 27707442
- Young T, Finn L, Palta M (2001). Chronic nasal congestion at night is a risk factor for snoring in a population-based cohort study. Arch Intern Med, 161(12), 1514-1519. doi:10.1001/archinte.161.12.1514 · PMID 11427099
- Young T, Peppard PE, Gottlieb DJ (2002). Epidemiology of obstructive sleep apnea: a population health perspective. Am J Respir Crit Care Med, 165(9), 1217-1239. doi:10.1164/rccm.2109080 · PMID 11991871